IMPORT EN VERKOOP VAN WIJN ‑ EDUCATIEVE PROEVERIJEN ‑ DEMONSTRATIEWIJNGAARD ‑ ACCESSOIRES
verkoop alléén vanaf 18 jaar en ouder
Theo en Marijke Dohmen

Het serveren van wijn

Een warme Champagne, een lauwe Riesling of een langdurig gekoelde volle rode wijn. Dat is als een 'klap in je gezicht'! Geen drank is zo kritisch op de serveer temperatuur als wijn. Nederland is daar helaas niet zo nauwkeurig in, en dat is erg jammer! Rood drinken we vaak te warm en wit regelmatig te koud!

Rode wijn drink je op 'kamertemperatuur'. Vroeger was die temperatuur echter 17 of 18 graden. Tegenwoordig zo'n 21 graden. Dat verschil in wijntemperatuur maakt uw 'mooie rooie' een beetje laf en veel minder fris van smaak. De geur wordt ook wat meer 'benzineachtig'. Jammer, jammer, jammer!

Uw witte wijnen zijn zomogelijk nog kritischer op de serveertemperatuur. Te koud: veel minder bouquet en veel minder smaaknuances; bij te veel graden Celsius is de frisheid en de fruitigheid helemaal weg en gaat de wijn meer naar alcohol ruiken!

U kunt ook een beetje 'spelen' met de temperatuur; bijvoorbeeld: Vindt u een wijn te zoet ' licht koelen! Vindt u een wijn niet zoet genoeg ' even laten staan of in de handpalm verwarmen!

















De bovenstaande temperaturen zijn richtlijnen; ze vervangen nooit uw smaak! Ook is het zo dat bijvoorbeeld lichte rode wijnen het vaak licht gekoeld goed doen op een mooie zomeravond of bij een lekker gebakken visje! Kortom; u bepaalt!

En dan nog even het GLAS!
De geur  = het Bouquet of de "Neus" van de wijn komt  los bij de goede temperatuur en voldoende zuurstof. Zuurstof komt in de wijn door het inschenken en rondwalsen van de wijn. Daarvoor is een ruim glas nodig dat voor maximaal 1/3 deel is gevuld. Dus een glas met een laag wijn van 1/3 deel is geen valse zuinigheid, maar een correcte manier van schenken waarbij de wijn zich nog kan bewegen in het glas.

Lees op deze website ook de informatie over: Bewaren van wijnen.